Onze garage aan de Kerklaan.
Helaas staat het pand er niet meer. Althans niet de showroom direct aan de Kerklaan gelegen. Een paar jaar geleden is het pand volledig afgebrand.
In het begin van de jaren'70 van de twintigste eeuw ontwikkelde mijn vader hier een volledig nieuw concept: een showroom waar verschillende automerken naast elkaar te bewonderen waren. Merken als Datsun, Simca, Ford, Opel, Volkswagen, Porsche, Mercedes. In feite een mini auto-RAI in Heemstede.
De eerste naam van de showroom was: AUTOSCOOP. De persberichten waren nog niet de deur uit, of de advocaat van het gelijknamige (Autoskoop) tijdschrift sommeerde mijn vader de naam van de gevel te halen.
Dus werd de naam gewijzigd in AUTOTOON. Toon niet verwijzend naar zijn roepnaam — zo ijdel was hij niet — maar verwijzend naar het begrip toonaangevend. Althans, dat hield hij ons allemaal voor en wie waren wij om dit tegen te spreken.
Het concept functioneerde prima en was voor de dealers in de regio een mooi verlengstuk buiten hun eigen territorium. En daar lag misschien ook het begin van het einde. 'Jalousie de métier' was ook hier de handel niet vreemd, en dus sputterde menig importeur onder druk van andere dealers toch tegen. Waar de een vertrekt, ruikt de ander zijn kansen.
Langzaam nam één merk de overhand in de showroom: Datsun. Een voor toen relatief nieuw Japans merk.. Gratama — zie de naam op de foto, waar ik samen met mijn vader sta voor de showroom — was dealer voor Datsun in Overveen en omgeving en direct goed vertegenwoordigd binnen het concept van mijn vader. Met onder andere de Datsun 100A Cherry en de Datsun 240Z. Wat een beest van een auto was dat. En voor mijn gevoel stond daar ook een Nissan Skyline, onderdeel van dezelfde fabriek.
Nadat het erop begon te lijken dat de meeste dealers moesten vertrekken, zag Wolter Gratama zijn kans en betrok het hele pand. Daarmee werd hij direct ook dealer voor Heemstede en omstreken.
Aan Wolter bewaar ik prachtige herinneringen. Al was het maar omdat mijn vader bij Wolter — direct na het behalen van mijn rijbewijs — een gebruikte Volkswagen Kever 1200 uit 1965 kocht. Op alle belevenissen aldaar kom ik in latere verhalen nog wel terug.
Mijn vader behield wel de benzinepomp voor de showroom én het bedrijfspand erachter. Daar had hij toentertijd ook een zeer succesvol bedrijf in anti-roestbehandelingen.
Van heinde en verre werden auto's bij dealers opgehaald en weer afgeleverd. Een traject waarbij ook de auto's 'afleveringsklaar' werden gemaakt: uit de paraffine halen, poetsen, veiligheidsriemen en kentekenplaten monteren. Een arbeidsintensief traject, maar — naar bleek — een uitstekend verdienmodel.
Roest was een monster voor iedere autobezitter. Er waren merken, zo ging het verhaal, die roestten waar je bij stond.
Daar kwam toen het Zweedse DINITROL anti-roest systeem als ultieme bescherming voor de autobezitters op de markt. Mijn vader rook kansen en dat verhaal kende een stormachtige zakelijke vlucht. Dinitrol was trouwens de tegenhanger van Tectyl. Ik moet wel zeggen dat Tectyl de marketing goed op orde had — het werkwoord 'tectyleren' staat nog steeds in Van Dale en is een erkend begrip voor roestbestrijding.
Tegenwoordig is het gebruikte staal van een veel betere kwaliteit, en worden volgens mij alleen nog klassiekers voorzien van beschermende lagen.